5000-5399
Sites per thema:
psy0 algemeen
psy1 systemen
psy2 denken
psy3 brein
psy4 individu
psy50 diagnostiek
psy54 behandeling
psy6 optimaal
psy7 groepen
psy8 suboptimaal
psy9 optimaal

5370 Dementies

DEMENTIES

BEPALING

Geestelijke aftakeling door versnelde afbraakprocessen in de hersenen op volwassen leeftijd.

DSM-code

290.00 Seniele dementie

290.21 -- met depressie

290.10 Preseniele dementie

290.13 --met depressie

291.10 Korsakoffsyndroom

291.23 Alcoholdementie

PATHOGENESE

Daar elke dag een aantal zenuwcellen onvervangbaar afsterven, wordt op oudere leeftijd de situatie voor de hersenen onhoudbaar, en klinisch ziet men een merkbare achteruitgang van de intellectuele mogelijkheden.

Soms echter wordt deze veroudering versneld door allerlei hersenaandoeningen, die meestal beginnen in een typisch hersendeel, en daar dan de typische symptomen van geven, en dan uitbreiden over de hele hersenen, waardoor het beeld minder specifiek wordt.

De symptomen omvatten vooreerst geheugenstoornissen, dit vooral van het geheugen op korte termijn: de persoon valt in herhaling, is gedesoriënteerd in tijd en ruimte. Vervolgens zijn er ook stemmingstoornissen: de persoon heeft het moeilijk om een stabiele stemming te bewaren en vervalt in enkele minuten tijd van droef naar opgewekt (thymolabiliteit). Verder ziet men ook het verloren gaan van de creativiteit en een toenemend decorumverlies (aftakeling van de frontale cortex), en in andere gevallen toenemende onhandigheid (aantasting van de parietale kwabben).

SOORTEN

1. DEMENTIA ARTERIOSCLEROTICA of DEMENTIA SENILIS

DSM-code as I: 290.4 Vasculaire dementie

SYMPTOMEN

Begint gewoonlijk tussen het 60ste en 70ste levensjaar.

Fysisch ziet men allerlei neurastene tekenen: pijn in hoofd en nek, verminderd evenwicht, dysartrie, starre motoriek, in sommige gevallen pseudobulbaire symptomen, positieve Babinski en soms epileptische toevallen.

Psychisch constateert men inprentingsstoornissen, thymolabiliteit en verminderde frustratiedrempel, nachtelijke onrust en verwardheid.

Deze ziekte wordt vooral veroorzaakt door allerlei kleine uitvalsverschijnselen in de hersenen op basis van slechte bloedsomloop (arteriosclerose). De toestand kan verergerd worden door een verslechte hartfunctie. Er is weinig globale corticale artrofie.



2. PRESENIELE DEMENTIE

DSM-code as I: 294.10 Alzheimer-dementie

Preseniele dementie is een voortijdige aftakeling van de hersenen, bv. reeds vanaf het 45e levensjaar. Voor deze ziekte is er een familiale voorbeschiktheid. Ook zijn vrouwen veel meer aangedaan dan mannen, en lijden vooral patiëntjes met mongolisme (syndroom van Down) aan deze ziekte, en dit reeds na de leeftijd van 20 jaar. De ziekte, die jaren duurt, begint met een lichte desoriëntatie. Na enige jaren zijn er allerlei uitvalsverschijnselen, die, al naargelang het type van de ziekte, optreden in de achterste of in de voorste helft van de hersenen. Bij het meest frequente type, nl. de preseniele dementie van Alzheimer, is het vooral de achterste hersenhelft die aangetast wordt. Daardoor ontstaan symptomen als apraxie, sensorische afasie, visuele agnosie. Bij een ander type, nl. de ziekte van Pick, zijn het vooral de frontale gedeelten van de hersenen die aangetast worden. De ziekte uit zich in dit geval door verlies van initiatief, lichte ontremming gaande tot euforie, decorumverlies.

Het laatste stadium van deze ziekte is de complete dementie met een totale aftakeling van de persoonlijkheid en de intellectuele vermogens. Als de persoon niet sterft aan allerlei infecties, is de dood meestal het gevolg van een cachexie, ondanks het feit dat de persoon normaal eet.

Deze vormen van dementie gaan gepaard met ook een anatomische verandering van de hersenstructuur. Als men een hersenbiopsie microscopisch onderzoekt kan men aantonen dat er versnelde veroudering optreedt. Onder radiografie kan men ook merken dat de ventrikels verwijd zijn, zodat er sprake is van een hersenatrofie.

UITINGEN

·    geheugenstoornissen

·    desoriëntaties

·    depressie (vooral in predemente periode)

·    opname is bijna altijd onvermijdelijk.

MEDICATIE

·    Noötropil: verbetert de hersenfunctie (er wordt spaarzamer omgegaan met de beschikbare zuurstof in de hersenen)

·    Aricept, Exelon, Menocyl: deze medicatie wordt maar 2 jaar terugbegtaald door het ziekenfonds, daarna kan er overgeschakeld worden op Gingko Biloba

Noot: de medicatie gaat ervoor zorgen dat het verouderingsproces 2 jaar vertraagd wordt.


3. DEMENTIA PARALYTICA of PARALYSIS GENERALIS (PG)

Ongeveer 20 jaar na de eerste syfilisinfectie, vooral als de persoon niet behandeld is geweest, treedt er bij een zeer klein percentage van deze patiënten een auto-immune afbraak van de zenuwstructuren in de hersenen op. Het zijn dus niet de bacteriën die de hersenen aantasten, maar de antilichamen. Op de een of andere manier moet het hersenweefsel dus chemische gelijkenissen vertonen met deze bacteriën.

De ziekte, die ook jarenlang evolueert, is gekenmerkt zowel door neurologische als door psychiatrische symptomen. Het meest opvallende neurologische symptoom is een afwijkende lichtreflex in de pupillen (reflex van Argyll-Robertson), d.w.z. dat de pupil wel vernauwt bij convergentie, maar niet bij belichting. Verder zijn er ook tremoren, vooral in de aangezichtsspieren, en cerebellaire verschijnselen, zoals spraakstoornissen. In sommige gevallen ziet men ook epileptische aanvallen. Ook gaat deze ziekte vaak gepaard met neurolues (= tabes dorsalis). De psychiatrische symptomen zijn vooral een frontaal syndroom: dekorumverlies, stoornissen van het oordeel en in sommige gevallen grootheidswaanzin en hypomanie. Uiteindelijk eindigt deze ziekte in een compleet dementieel syndroom.


4. CHOREA VAN HUNTINGTON

DSM-code as I: 294.10 Huntington-dementie

BEPALING

Zeldzame erfelijke ziekte met hersenaftakeling, leidend tot bewegingsstoornissen en slikstoornissen, en psychische en mentale aftakeling.

SYNONIEMEN

Chronische chorea, erfelijke chorea. 

OORZAAK

Dominante chromosoom-afwijking die in gemiddeld de helft van de afstammelingen van een zieke voorkomt. Heeft een nakomeling de ziekte niet, dan hebben zijn nakomelingen ze ook niet meer.

SYMPTOMEN

Deze beginnen gewoonlijk rond de 30-40 jaar. De hersenen atrofiëren, beginnend met de basale kernen (putamen en nucleus caudatus).

In het begin lijken de tekenen vaak zuiver psychisch: stemmingsstoornissen, geslotenheid, soms paranoïde gedachtengang. Niet zelden wordt verkeerdelijk de diagnose schizofrenie gesteld.

Later komen de neurologische symptomen: onwillekeurige bewegingen, vnl. ter hoogte van de ledematen en mond. Later spraakstoornissen en ataxie. Tenslotte slikstoornissen, waardoor de patiënt vaak overlijdt. De ziekte duurt gemiddeld 15 jaar (meestal tussen 5-30 jaar). 

BEHANDELING

Een goede behandeling is niet bekend. Met sommige neuroleptica (Haldol) verbeteren de symptomen. Het ziekteverloop wordt echter niet beïnvloed. 


5. ALCOHOLDEMENTIE

Alcoholdementie lijkt op de andere dementies, maar is uitgelokt door langdurige alcoholabusus. De eerst aangetaste hersendelen zijn het cerebellum en de frontale hersenen. Verder is ook het geheugen op korte termijn sterk aangetast (zoals in het Syndroom van Korsakov)


6. OUDERDOMS- OF AFTAKELINGSPSYCHOSE

Bij seniele dementie en Alzheimer, arteriosclerose, tertiaire syfilis, kunnen psychotische beelden ontstaan, vooral met wanen, minder met hallucinaties.

Zie bij mentale syndromen.

DSM-code As I

294.14 Alzheimer met psychotische verwikkelingen