5000-5399
Sites per thema:
psy0 algemeen
psy1 systemen
psy2 denken
psy3 brein
psy4 individu
psy50 diagnostiek
psy54 behandeling
psy6 optimaal
psy7 groepen
psy8 suboptimaal
psy9 optimaal

5380 Organopsychisch


ORGANO-PSYCHISCHE SYNDROMEN


BEPALING

Aandoeningen waarbij het gedrag en karakter, en de intellectuele functies gewijzigd zijn door duidelijke schade aan de hersenen. Sommigen spreken ten onrechte van psycho-organische syndromen.

POSTCOMMOTIONEEL SYNDROOM

ICD-9-code As III

850.2 Commotio cerebri

OORZAAK

Door een trauma van de hersenen (slag op schedel) ontstaat er een hersenoedeem, en soms (bij contusio) ook een bloeding. Deze duurt dagen tot weken, terwijl het vaak maanden aansleept voor de persoon weer volledig klachtenvrij is. Daarenboven veroorzaakt elke commotio cerebri een toegenomen gevoeligheid voor latere traumata, zodat banale ongevalletjes, of bv. duiken bij het zwemmen, of in een vliegtuig zitten met slechte regeling van de luchtdruk, weer een opflakkering der symptomen kan veroorzaken.

SYMPTOMEN

Hoofdpijn, concentratiestoornissen, snelle vermoeidheid, prikkelbaarheid, karakterveranderingen, depressiviteit. Soms epileptische toevallen.
Op een EEG ziet men vaak, doch niet altijd, stoornissen. Soms epilepsie.

BEHANDELING

Noötropil en eventueel corticoiden (bv. Decadron) en diuretica (Lasix). Verder rust. Zo nodig anti-epileptica.
Opmerking: het premenstrueel syndroom gelijkt erop: ook daar is er een (hormonaal uitgelokt) oedeem, met alle tekenen van een (licht) postcommotioneel syndroom. Zie verder onder depressies.


POSTTRAUMATISCHE DEMENTIE (encefalopathie of psycho-organisch syndroom)

DSM-code as I: 294.10 dementie als psycho-organisch syndroom.
 
BEPALING

De symptomen omvatten meestal een Korsakovsyndroom, met daarnaast typische dementiële tekenen, zoals verarmd denken, thymolabiliteit, aandachtsstoornissen.

OORZAAK

Hierbij hebben we dementie die optreedt na een zwaar hersenletsel (bv. hersenbloeding, operatie van hersenkanker) of een intoxicatie (bv. CO-vergiftiging).

Door een verkeersongeval, een tumor, een hersenbloeding, een operatie, een hartinfarct, … , ontstaat er een letsel van de hersenen (het is niet aangeboren dus het hersenletsel is niet rond of vanwege de geboorte ontstaan). Het letsel leidt tot een onomkeerbare breuk in de levenslijn zodat de slachtoffers aangewezen zijn op hulpverlening.
 
SYMPTOMEN

·    Zuiver intellectuele problemen: problemen op het vlak van schrijven, lezen, praten.

·    Gedragsstoornissen: vooral van agressieve aard.

·    Epileptische stoornissen.

·    Hersenafwijkingen: zijn eerder zeldzaam.

BEHANDELING
 
Medicatie: Depakine en Tegretol wanneer er sprake is van epileptische stoornissen. Deze produkten werken gedragsregulerend. 


PSYCHO-ORGANISCH SYNDROOM

BEPALING

Dit syndroom beschrijft de psychiatrische, neurologische en mentale symptomen die optreden na een organische aantasting van het hersenweefsel door organische factoren, zoals zware hersenbeschadiging na ongeval, langdurige intoxicaties, bv door organische oplosmiddelen bij schidlers, garagisten, enz.

Sommigen spreken van organisch psychosyndroom. (OPS)

SYMPTOMEN

Verwardheid, desoriëntatie in tijd en ruimte, concentratiestoornissen, geheugenstoornissen, stemmingswisselingen, vermoeidheid.

RISICOFACTOREN

Enkele factoren die het ontstaan van OPS kunnen beïnvloeden zijn reeds gekend.

§       Aanwezigheid van het afwijkende gen CYP2E1(c1/c2) verhoogt de kans op OPS vermoedelijk met een factor 6 en wordt aangetroffen bij 1% van de bevolking. Het afwijkende CYP2E1(c1/c2)-gen veroorzaakt in het lichaam de afwezigheid van bepaalde functionele gif-afbrekende enzymen.

§  Daarentegen vermindert de kans op OPS bij aanwezigheid van het afwijkende gen GST-P1(C/AB) vermoedelijk met een factor 3. Dit gen is aanwezig bij 4% van de bevolking.\

ONTWIKKELING

Om het verloop van het syndroom te omschrijven wordt de "WHO-classificatie" toegepast. Daarin worden de volgende typen onderkend:

§  Type I Neurastheen syndroom. Dit zijn vage welzijnsklachten, een ziektetoestand gekenmerkt door sterke geestelijke en lichamelijke vermoeidheid en grote prikkelbaarheid. De klachten in dit stadium worden niet of nauwelijks ontdekt.

§  Type IIA Blijvende veranderingen in persoonlijkheid en het gevoelsleven. Te meten anatomische defecten in de hersenen.

§       Type IIB Aantasting van leerfuncties.

§  Type III Dementie; vroegtijdige dementie is dikwijls het eindstadium.


PREMENSTRUEEL SYNDROOM

BEPALING

Een korte depressieve periode, die voorkomt bij de vrouw in de week voor de menstruatie, hoewel het soms enkele dagen eerder (bv. na de ovulatie, die sommige vrouwen "voelen") of enkele dagen later komt (bv. tot enkele dagen na het begin van de menses).

DSM-code As I

300.40 Premenstrueel dysthymisch syndroom, atypische depressie.

OORZAAK

Door toegenomen waterretentie is er een licht hersenoedeem, zoals na een hersenschudding. Vele andere symptomen van na de hersenschudding komen eveneens voor: migraine, prikkelbaarheid, concentratiestoornissen.
Ook bij vrouwen na een hysterectomie (wegnemen van baarmoeder) komt dit syndroom voor, en ook soms nog na de menopauze. Het al dan niet hebben van bloedingen maakt dus niet veel uit.

DIAGNOSE

Soms duurt het jaren voor men eraan denkt! Inderdaad, de aandacht voor de menstruatieproblemen gaat traditiegetrouw naar wat zich afspeelt nadat de bloedingen begonnen zijn.

BEHANDELING

Talrijke behandelingen werden reeds voorgesteld.
Antidepressiva zijn zinloos, omdat die 2 weken vragen alvorens ze werken, en het syndroom duurt maar een week.
De hormonenpil schijnt niet veel effect te hebben op het syndroom.
De meeste vrouwen behelpen zich met pijnstillers en kalmeermiddelen (en alcohol...).
De behandeling is nochtans eenvoudig in de grote meerderheid der gevallen: enkele dagen een licht maar niet-modern diureticum (bv. lasix), zodat de waterretentie gecompenseerd wordt. De moderne diuretica zijn ionensparend, en dan mag in dit geval niet.

COMPLICATIES

In sommige gevallen ontstaan er ernstige complicaties, vooral als de oorzaak van de stemmingsschommelingen niet erkend wordt door de omgeving en/of niet aanvaard wordt door de vrouw zelf: relatiestoornissen, alcoholisme, depressies, chronische migraine.